Eerste online meeting VN Innovatie Gezondheidszorg: ‘positief en verrassend intiem’

Een van de drukste bijeenkomsten van de afgelopen tijd met echt inhoudelijke verdieping. Een goed vervolg op het internationale congres van november. Dat zijn enkele reacties op de eerste online meeting van dinsdag 7 april van het netwerk Innovatie Gezondheidszorg. ‘Je hoeft dus niet per se fysiek bij elkaar te komen om tot resultaten te komen. Dit werkt ook goed’, aldus Carine van Schie van de Nederlandse Brandwondenstichting.

Vooral de laagdrempeligheid van de digitale bijeenkomst sprak haar erg aan. ‘Als je elkaar ‘face to face’ ontmoet, duurt het altijd even voordat je met elkaar in gesprek komt. Nu ging dat gesprek vrijwel meteen de diepte in en dat geeft zeker energie voor een vervolg. Bovendien was het technisch ook mogelijk om in kleinere groepjes, zogenoemde break-out rooms, verder met elkaar te praten en dat maakte de gesprekken verrassend intiem. Voor mij was deze digitale bijeenkomst een positieve ervaring. Een uitkomst om snel en effectief samen te komen en het TPI-netwerk verder te brengen’, aldus een enthousiaste Van Schie.

Sue Gibbs, celbioloog en moleculaire bioloog bij het VUmc, deelt haar mening. ‘Deze eerste digitale bijeenkomst was heel spannend, maar heeft heel goed uitgepakt. Voor mij is dit zeker een manier om tijdens de lockdown mee door te gaan.’

Zelfde sfeer als novemberconferentie

Pepik Henneman van meneer de Leeuw leidde de sessie en zorgde onder meer voor de technische ondersteuning via het videochatprogramma Zoom. Henneman: “We merkten dat we online redelijk snel de sfeer van de conferentie konden oppakken. Er was als het ware veel goesting om samen zaken te verkennen en op te pakken. Dat is in het speelveld van proefdiervrije innovaties erg bijzonder. Zelfs uit Australië en Zweden kwamen ze meepraten en meeluisteren. We willen nog voor de zomer een aantal online helpsessies organiseren, als vervolg op de twee helpathons die we al hebben gehouden.” De eerstvolgende online helpsessie is op donderdag 14 mei van 14.00 tot 16.30 uur om hulpvragen te traceren. Aanmelden kan per mail via tpi@gezondheidsfondsen.nl. En op 18 en 19 juni 2020 vindt de derde Helpathon plaats voor hulpvragen van TPI-Utrecht. Dit wordt een online helpathon. Meer informatie hierover is te zien op tpi.tv, en in een ander artikel in deze nieuwsbrief.

Resultaten helpathons

Inmiddels zijn er ook resultaten van de eerste twee helpathons bekend. Gibbs hierover: ‘De eerste helpathon die november 2018 startte, ging over een hulpvraag van de Nederlands Brandwonden Stichting om zonder proefdiergebruik brandwondverdieping te onderzoeken en te kijken of bestaande medicijnen verdieping van brandwonden kunnen voorkomen. Er is naar aanleiding van die helpathon een consortium opgezet om de onderzoeker te ondersteunen en de benodigde financiering binnen te halen. We zijn nu een jaar verder en de promovendus is 1 april met haar onderzoek begonnen. Dat kon dankzij ons netwerk.’

In de tweede helpathon van 2 en 3 mei 2019 vond een gemixt gezelschap van experts en leken oplossingsrichtingen voor onderzoeksvragen waarvoor de Hartstichting zich sterk maakt. In de Universiteit van Leiden kunnen Bram Slütter en Ilze Bot in vitro een vaccin tegen slagaderverkalking gaan testen met plakjes van gekweekte bloedvaten met plaques waaraan immuuncellen van patiënten zijn toegevoegd. Verder is combineren van big data voor hen interessant om meer kennis te vergaren over toxiciteit en effectiviteit. ‘Het resultaat van een Helpathon kun je vergelijken met een olievlek. Je krijgt een persoon die implementeert en veel makkelijker via afdelingen/netwerken ook alternatieve methoden kan introduceren’, aldus Gibbs.

Out of the box-vragen

Van Schie vult aan: ‘Het leuke van deze helpathons is dat je vanuit heel verschillende expertises informatie met elkaar deelt om het onderzoek verder te helpen. Daarbij is de rol van de niet-wetenschapper net zo belangrijk als die van de professor. Dat maakt het waardevol. Iedereen weet iets en jij mag jouw deel van de puzzel oplossen. Juist door ‘out of the box’-vragen te stellen en naar het waarom te vragen, werk je meer naar een vervolg toe en kom je ook samen tot ideeën om financiering aan te vragen. Dat helpt het gesprek tussen onderzoekers en financierders over wat je uiteindelijk samen wilt bereiken. Verder laat de coronacrisis zien dat als we veel meer samenwerken en data gaan delen, we ook sneller tot resultaten kunnen komen. Een wetenschappelijke wereld waarin we – zonder muurtjes – samenwerken aan relevante vraagstukken. We doen het voor de wereld, niet voor onszelf.’