Meer Kennis met Minder Dieren (MKMD)

Voor ontwikkeling van nieuwe proefdiervrije innovaties en toepassing van zowel bestaande als nieuwe proefdiervrije innovaties voert ZonMw het programma Meer Kennis met Minder Dieren (MKMD) uit.

Voor het programma MKMD is het ministerie van LNV de hoofdopdrachtgever. LNV stelt aan ZonMw voor de gehele looptijd van de reeks opvolgende driejarige programma’s jaarlijks een bijdrage van ca €2 miljoen beschikbaar.

Het programma bevat stimuleringssubsidies om consortia te helpen aanvragen in te dienen voor grote calls, om systematisch literatuuronderzoek over proefdiergebruik te steunen en om neutrale/negatieve resultaten ook te publiceren, zodat onderzoek onverhoopt niet dubbel hoeft te worden gedaan.

Ook  laat ZonMw in het kader van MKMD verkennen of een met een zoekmachine bestaand onderzoek naar proefdiervrije innovaties beter kan worden ontsloten.

Oproepen voor proefdiervrije onderzoek

Het programma heeft ook eigen onderzoekoproepen: In de call Covid-19 wordt proefdiervrij onderzoek gestimuleerd in het aandachtsgebied voorspellende diagnostiek en behandeling, specifiek voor het virus, immuniteit, immuunrespons en het ontstaan van ziekten.

Een andere call is Create2solve waarbij industrie vraagstukken over concrete toepassing van proefdiervrije innovaties voorlegt aan de wetenschap. Twee projecten zijn aan de slag.

InnoSysTox is een internationale oproep die zich richt op het vergroten van kennis van de humane toxicologie en toepassingen daarvan. Twee Nederlands-Duitse publiek- private consortia zijn daarmee aan de slag.

Verder werkt en financiert ZonMW met andere TPI-partners Samenwerkende Gezondheid Fondsen (SGF) en Proefdiervrij mee aan het programma van voor onderzoek naar Humane Meetmodellen. Hierin zijn inmiddels dertien projecten aan de slag.

On tour

Naast de stimuleringssubsidies en onderzoeksprogramma’s is er ‘MKMD on tour’, een reeks symposia om kennisdeling en nieuwe samenwerkingen te stimuleren. Er zijn in 2019 twee van deze bijeenkomsten gehouden. Een derde en vierde bijeenkomst in Leiden en Groningen staan op de planning.